lesgeven
Na het afstuderen ligt de wereld voor je open, zeggen ze. Jaren keek ik uit naar dat moment. Ik zou afstuderen en gaan werken. Dat zou betekenen dat ik juf werd, want ik deed de Pabo. Ik zou lieve kinderen les geven, niet veel betaald krijgen, maar wel gelukkig zijn met mijn job. Inmiddels ben ik al twee jaar klaar met die opleiding en kan ik zeggen dat het allemaal net iets anders gegaan is. Ik ben gelukkig, maar niet met mijn job. Ik ben leerkracht, maar niet op vaste basis. Die droombaan was er helemaal niet en het enige dat er in de buurt komt is wat ik nu doe, invallen. Het is leuk, het zijn lieve kinderen, maar het is niet helemaal wat ik wil.

Invalwerk verdient gewoon niet zo heel goed. En nu moet ik kiezen of ik dit wil blijven doen. Als ik het blijf doen moet ik hopen dat er ooit in de toekomst een plekje vrijkomt, terwijl ik ondertussen niet zoveel verdien, geen zwangerschapsverlof krijg en niet doorbetaald krijg tijdens de vakanties. Of ik ga iets anders doen. En dat ‘iets anders doen’ klinkt af en toe aantrekkelijk en soms weer niet. Er is namelijk veel meer dat ik wil doen en ik vind het heel moeilijk om te beslissen wat ik het liefste wil. Werken op de boerderij, juf zijn of keihard (maar dan ook echt keihard) werken om mijzelf ooit schrijver te mogen noemen. Dat laatste moet natuurlijk wel gebeuren in combinatie met een andere baan, want anders levert het niet veel op. Maar dat is dan niet erg, want dan doe ik het voor het schrijven. De vraag is echter, durf ik het aan of speel ik op safe? En safe is juf zijn. Schrijven en invallen gaat namelijk niet samen, want dat levert allebei niet altijd veel op.

Ik ben juf. Ik wilde altijd juf zijn. Toch? Al wekenlang zit ik hiermee in de knoop. Ik weet niet meer of het een goed plan is om door te zetten en voor het lesgeven te gaan. Ik weet niet of het laf en zwak (en ook een beetje jammer) is als ik toch voor iets anders kies. Dat voelt namelijk als opgeven. En als ik iets niet wil dan is het opgeven. Maar ik heb geen idee hoe lang dit invallen nog duurt. En ik ga ook heel erg veel spijt krijgen als ik dat boek niet schrijf. Ik vind het leuk en ik vind het niet leuk. Ik word blij als ik op maandagochtend gebeld word om te werken, maar ik word ook zo ontzettend verdrietig als ik niet gebeld word. Ik wil een toekomst opbouwen en ik wil doen wat ik leuk vind.

De twijfel slaat toe en er zijn zoveel andere dingen te doen dat ik niet kan kiezen. Wanneer is iets de beste keuze? Als het je passie is, of als het verdient? Of misschien pas bij allebei, maar waar vind ik dat? Ik zeg altijd dat je je dromen achterna moet gaan en dat je moet doen wat je zelf echt leuk vindt. Dat geloof ik ook nog steeds, maar ik vind het wel een beetje spannend. Ik had het gevoel dat ik dit even van mij af moest schrijven, om vervolgens heel hard tegen mijzelf te roepen ‘Yes you can! You’re gonna rock it!!!’ Maar dat laatste geloof ik nog niet echt.

Wat zou jij kiezen; je passie of geld verdienen? Of durf jij het aan om van je hobby je werk te maken?